We denken vaak dat onze darmgezondheid vooral afhangt van wat we eten. Maar er speelt méér. Seizoensveranderingen beïnvloeden je hele biologie, van hormonen tot slaapritme. En ja: ook je microbioom – de miljarden bacteriën in je darm – reageert mee op daglicht, temperatuur en voeding.
Zeker in de winter wordt je darmflora minder divers, gevoeliger voor ontstekingen en kwetsbaarder voor poliepvorming.
In de winter daalt je blootstelling aan zonlicht, en daarmee ook je vitamine D-niveau. Dit heeft gevolgen:
Vitamine D werkt als een soort thermostaat voor je immuunreacties. Te weinig ervan betekent meer kans op ongecontroleerde ontsteking, een omgeving waarin poliepen makkelijker groeien.
De winter zet je aan tot ander eetgedrag: zwaardere maaltijden, minder vezels, meer bewerkt voedsel. Daardoor:
Waar je flora in de zomer floreert op salades, fruit en zon, raakt ze in de winter verarmd, vertraagd en ontstekingsgevoelig.
De langere nachten van de winter hebben invloed op je circadiaans ritme. En dat ritme regelt ook je darmwerking. Studies tonen aan dat verstoringen van dit ritme – door minder daglicht of onregelmatig slapen – leiden tot:
Samen vormen ze een biochemisch klimaat waarin poliepen makkelijker ontstaan of doorgroeien naar iets kwaadaardigs.
Gelukkig kun je je darmen ook in de winter veerkrachtig houden:
Je darmflora is geen statisch gegeven. Ze leeft met je mee, ademt met de seizoenen, en past zich aan – ten goede of ten kwade. In de winter wordt ze gevoeliger, vatbaarder, en dus moet jij bewuster schakelen.
Wie de seizoenen snapt, snapt zijn darmen. En wie z'n darmen begrijpt, krijgt grip op z'n risico’s.